Gerard (61) uit Franeker was eigenzinnig en avontuurlijk en maakte van elke dag een kunstwerk

Hij keek anders, dacht anders en deed anders. Gerard van der Helm spatte door het leven. Inspirerend en aanstekelijk. De eigenzinnige Franeker ondernemer nam met zijn humor en creativiteit anderen op sleeptouw. „Wês net benaud. Sin en wille is mear as jild.”

Het was dit najaar in het ziekenhuis dat hij nog een staaltje ‘typisch Gerard’ liet zien. Hij was opgenomen en lag op een kamer met meer patiënten die niet de meest rooskleurige vooruitzichten hadden. Maar hé, hoe ellendig ook, je kunt er altijd het beste van maken.

En daar gingen Gerard van der Helm en zijn kamergenoten; in een rolstoel, met infuuspalen op pantoffels maakten ze ommetjes door de ziekenhuisgangen. „De Daltons wienen ûntsnapt.” De club van drie ging er zo vaak op uit dat het verplegend personeel een briefje op de kamerdeur plakte: Wandelclub Omanido (oud maar niet dood).

Waar hij was ontstond reuring

Relativeren met humor. Gerard van der Helm was er een ster in, zeggen zijn vrouw Fiona, dochter Adike en tweelingzonen Cas en Hein thuis in Franeker aan de keukentafel. Waar hij was gebeurde, wat en ontstond reuring. Van de gewoonste dingen wist hij iets bijzonders te maken.

Gerhard (zoals hij officieel heet) was de jongste uit een jongensgezin van drie en groeide op in Gytsjerk in een familie van bouwers en timmermannen. Dat beroep was ook zijn voorland, dat stond eigenlijk wel zo’n beetje vast. Hij begon daarom aan de mts, maar in het strakke lijntjes trekken miste hij creativiteit. De kunstacademie had hem beter gepast. Gerard had uitgesproken ideeën, wilde zijn eigen dingen doen.

Artistieke vrijbuiter met wilde bos haren

Het was die artistieke vrijbuiter met zijn wilde bos haren waar Fiona de Vries destijds voor viel in discotheek Quatrebras. Ze waren 19 jaar en genoten van het vrije leven. Binden was het laatste waar ze aan dachten. Toch woonden ze in no time samen. Maar een klef bankstel? Niks daarvan. De twee gaven elkaar de ruimte voor hun eigen dingen. Hij werkte in de interieurbouw en zij bij de Rabobank. Hij speelde tafeltennis en trainde een jeugdteam, zij deed aan jazzballet en gaf les aan groepen. Samen reisden ze op zijn motor met zijspan door Europa.

Gerard droomde van het ondernemerschap. Vrij zijn, je niet aan andermans regels hoeven houden en „baas wêze oer eigen tiid”. Hij ging studeren voor het middenstandsdiploma om daarna iets te beginnen dat ook Fiona zou aanspreken.

Beweging. Er moest altijd wat gebeuren. Leegstand in de binnenstad, publiek dat de Dijkstraat deels links liet liggen? Hij richtte een werkgroep op met gelijkgestemden, bedacht een plan, maakte de geesten rijp en zorgde dat er wat veranderde. Maar succes was nooit van hem alleen, anderen maakte hij deelgenoot en hij nam ze mee op sleeptouw.

Sfeermaker met mooie verhalen

Toen Museum Martena dreigde dicht te gaan, ging Gerard gewapend met twee grote kunstkoeien vol vuur de barricaden op en mobiliseerde zijn stadsgenoten. Actie moest er komen, en actie kwam er. Toen het tij gekeerd was en het museum gered liet hij het weer aan anderen over. Want besturen en vergaderen, dat was niks voor hem. „As it rûtine waard, woe hy wer wat oars.”

Een sfeermaker was hij en aanjager ook. Hij richtte Oranje-comité De Mandarijn op, was bestuurder bij de City Wall Cross, een mountainbikerace tijdens stadsfeest de Agrarische Dagen. Hij zette motorritten uit langs de Elfsteden, en was trots ambassadeur van zijn Frjentsjer. „Gasten dy’t oernachten yn de appartementen krigen de moaiste ferhalen.”

Avontuur in de kleinste dingen

Ook thuis werkte zijn energie en fantasie aanstekelijk. „Wat sille we even?” En dan kwam er een plan vol avontuur. Een knikkerbaan bouwen van de ene kant van de tuin naar de andere. Rookbommen maken. En later een fietsuitdaging, een motorrit, een zeiltocht of een wildkampeeridee. Met Gerard wist je dat het nooit saai zou worden. „Wês net benaud.”

Toen de pubertweeling zomerbaantjes had als tulpenkopper en bijvuller, daagde hun heit ze uit: wat als ze nou een ijskar zouden maken van het oude zijspan. Dan konden de jongens als eigen baas geld verdienen. Op festivals en feesten door het hele land stonden ze. Moto Delicato. „Heit as ús sjauffeur en wy ferkeapje.” Nu, tien jaar later staat de onderneming nog als een huis. „Meitsje dyn dreamen wier.”

Gerard heeft meer avonturen beleefd dan menig tachtigjarige, zegt zijn gezin. Hij kampte zijn leven lang met een auto-immuunziekte aan zijn lever. Aan het eind van de zomer voelde hij zich niet fit, een levertransplantatie bleek nodig. Tijdens die ingrijpende operatie bleek dat hij uitgezaaide kanker had en dat het over en uit was.

Het werd een winkel voor kunst en kleding in hartje Franeker. Oars, doopten ze hun zaak. Want dat was het: een eigenzinnige modezaak en galerie in één. Zij werd het gezicht, hij was het brein en kon al zijn creativiteit kwijt in het interieur, opvallende etalages en wilde modeshows op de gekste plekken.

‘Krekt in tikje oars’

Gerard was een artistieke schepper en inventieve maker. Hij hielp bekenden met verbouwen en maakte het oorspronkelijke idee ‘krekt in tikje oars’. Zo verbouwde hij de zolder boven hun winkel tot stijlvolle gastenverblijven. De muren vol kunst en een enorme crossmotor pontificaal aan het plafond. Typische touch van Gerard.

In een klap van hoop naar wanhoop. Op 3 december overleed hij thuis in Franeker. Vijf dagen later liep de stad uit om ‘de man die van elke dag een kunstwerk maakte’ in liefde te gedenken.

Bron : Leeuwarder Courant, 27 december 2024. Foto : Familie


Vond je dit een nuttig artikel? Deel het: